Praktische Sociale Vaardigheden (PSV)

Inleiding
Onze samenleving wordt aan de ene kant steeds individualistischer en aan de andere kant steeds pluriformer. Het onderwijs sluit daarbij aan.
Zelfstandigheid en het ontwikkelen van eigen talenten maar ook de betrokkenheid van leerlingen op elkaar en op de samenleving worden bevorderd. De school is een gemeenschap waarin de leerlingen enerzijds die zelfstandigheid en anderzijds dit samenleven oefenen. Leerlingen leren omgaan met de diversiteit van de samenleving.

Praktische Sociale Vaardigheden
Het in het rooster opgenomen vak Praktische Sociale Vaardigheden stelt zich ten doel de betrokkenheid van de leerlingen op elkaar te stimuleren. De leerlingen ervaren dat er verschillen zijn en leren daarmee omgaan. De leerlingen leren omgaan met de schoolregels en leren begrijpen waartoe deze regels zijn ingesteld. De betrokkenheid van de leerlingen bij het milieu in de school wordt gestimuleerd. De leerlingen leren om te gaan met opvattingen van anderen.
Het vak Praktische Sociale Vaardigheden past in de serie kernbegrippen participatie, democratie en identiteit. Het is de praktische uitvoering van hetgeen bij andere vakken (waaronder maatschappijleer, maatschappijwetenschappen, godsdienst en leefstijl) wordt aangeleerd.

Organisatie
Het vak Praktische Sociale Vaardigheden staat dagelijks in het rooster (2 x 20 minuten op vaste tijden). Een vaste groep docenten treedt op als begeleider van het leerproces. Gezien het karakter van het vak (het gaat om groepsprocessen), vinden de lessen plaats in de aula, de serre en op het schoolplein. Deelname is voor alle leerlingen verplicht.

Toetsing
Aan het einde van elke rapportperiode wordt door middel van een reflectieverslag de ontwikkeling gevolgd en eventueel bijgestuurd. 

  Onderwijstijd
De norm voor onderwijstijd is als volgt:
- in de examenklassen: 700 klokuren
- in alle overige klassen: 1000 klokuren.
Samen met andere scholen hebben wij getracht de politiek te bewegen tot een realistische norm van 960 klokuren, gebaseerd
op de bekostiging en de reële hoeveelheid feitelijk te werken weken in een jaar. Dat is tot nu toe niet gelukt. Door in de onderbouw in een enkel geval een extra uur uit te geven, slagen wij erin aan 960 uur te komen. In de examenklassen is de norm vrijwel te halen, in de overige klassen komen we iets te kort.
Daarom hebben wij nog de volgende maatregelen genomen:
1. De lengte van het 1e, 4e en 6e uur van een les met 5 minuten vergroten.
2. In plaats van een pauze wordt er een 3s en een 5s uur ingeroosterd voor Praktische Sociale Vaardigheden.